
Ik heb het gevoel dat ik moet ploeteren. Toen iemand mij daar op wees ben ik in huilen uitgebarsten.
– Rekha
Ik kan het ook niet aan, al die verwachtingen […] Dat was een hele harde situatie.
Een zacht wit watje op een harde ondergrond ligt in het doosje van Rekha. Deze staat voor de manier waarop Rekha het gevoel had dat ze blanco en fragiel terug naar het werk ging, ze denkt dat ze zich misschien beter of anders had moeten voorbereiden. De harde, ruwe ondergrond – die ze extra in de verf zet door in grote letters ‘HARD’ op de onderkant te spellen – staat voor de hardheid van een situatie op werk waarin ze niet meer helder kon nadenken, en besefte dat het eigenlijk te vroeg was om terug te gaan werken. Ze plakt zichzelf bewust in het midden van die harde situatie, waar zij ploeterend probeert te voldoen aan de verwachtingen die er rondom haar heersen.
Tegelijkertijd is er hoop en zachtheid in de gekleurde veren die de bovenkant van Rekha’s doos sieren. Ze staan voor de warmte en begripvolle reacties van haar collega’s, die er voor haar waren en zijn na het verlies van Benjamin.
Luister naar Rekha haar verhaal:
Lees Rekha haar verhaal:
Ik had op het werk een aantal gesprekken, een collega was mij daar mee aan het helpen. Dat was een gesprek met iemand die zijn zoon had verloren aan kanker. En ik was daar heel erg diep op aan het ingaan, en van alles aan het vragen. Tot op een gegeven moment, aan het einde, had ik dan een reflectiemoment met die collega die zei: “ik had dat gesprek veel harder afgekapt [minder diep op bepaalde elementen ingegaan]”. Ja jeetje.. ik had het gevoel dat ik het niet goed deed. Ik ging niet in op dingen waar ik wel op moest in gaan. Ik was helemaal niet helder omdat het zo’n beladen onderwerp was.

Ik heb mij in het middelpunt gezet. Ik voelde dat ik heel erg in het middelpunt stond en iedereen naar mij kijk van: wat gaat ze doen? […]
– Rekha
Ik heb voor wit gekozen [om haarzelf te symboliseren] omdat ik er heel blanco in stond. Ik laat het maar op mij afkomen. En achteraf gezien had ik die terugkeer misschien beter kunnen voorbereiden.
Ik heb het gevoel dat ik moet ploeteren. En toen zei die [collega]: “als je het gevoel hebt dat je moet ploeteren dan is het misschien nog te vroeg dat je terug komt naar het werk”. Toen ben ik in huilen uitgebarsten en zei ik ook: “ik kan het ook niet aan. Al die verwachtingen. Wat er allemaal van mij verwacht wordt. Ik kan het gewoon niet”.
Het was heel hard in die situatie. Ik heb mij in het middelpunt gezet. Ik voelde dat ik heel erg in het middelpunt stond dat iedereen mij aan keek van: wat gaat ze doen. Maar aan de andere kant had ik ook een hele warme omgeving, want mijn collega’s waren heel erg ondersteunend en empathisch en kon ik alles tegen zeggen. Ook tegen die ene collega, daar heb ik mijn hart gelucht. Dat was een warm gevoel. Dus uiteindelijk voelt het ook zo licht als een veertje.
Aan de andere kant had ik ook een hele warme omgeving, want mijn collega’s waren heel erg ondersteunend en empathisch. Dat is een warm gevoel, dus uiteindelijk voelt het ook licht, als een veertje.
– Rekha

Dus de onderkant staat voor het harde van de situatie, maar de omgeving waar je vertoefde maakte het wel lichter. En jezelf als pluisje?
Ja, omdat het zo.. ik denk dat ik gekozen heb voor wit omdat ik er heel blanco in stond. Ik laat het maar gewoon op mij af komen. En achteraf gezien had ik die terugkeer misschien beter kunnen voorbereiden ofzo. Er meer over moeten nadenken van misschien is het nog te vroeg.
En toen ben je terug gestopt met werken?
Ja ook op aanraden van mijn teamcoach, die die zei ook: je toont wel empathie maar komt niet over, er is minder dynamiek. Ik slik ook medicatie, daardoor ook wel misschien. Ik heb ook PTSS [post traumatisch stress syndroom].
Door Benjamin te verliezen?
Ja ook, complexe PTSS. Door meerdere life events. Benjamin was een trigger waardoor ik eigenlijk helemaal in mijzelf gekeerd ben geraakt.
Ergens voelt het zo heel warm, want ik heb heel veel mensen in mijn omgeving die heel warm zijn en lief en zacht [zoals de veertjes]. Maar de situatie is gewoon heel hard. Dus dat is een beetje contradictie die in die doos zit… Omdat het zo confronterend was. Omdat ik niet kon inzien dat het zo was [dat ik niet meer helder dacht in dat ene gesprek] en dat iemand anders het wel zag.
Ik kan niet meer doen alsof. Ik kan er niet meer onderuit, doen alsof het oké is. Maar het is niet oké.
Ik kan niet meer doen alsof, alsof het oké is. Het is niet oké.
– Rekha
